Posts

Inleiding

En zie, IK (Jezus) kom spoedig. Zalig hij, die de woorden der profetie van dit boek (de Bijbel) bewaart. - Openbaring 22:7 Hij die deze dingen getuigt, zegt:Ja IK (Jezus) kom spoedig. Amen, kom, Here Jezus! - Openbaring 22:20 Maar weet dit: Als de heer des huizes geweten had, in welke nachtwaak de dief zou komen, hij zou gewaakt hebben en in zijn huis niet hebben laten inbreken. Daarom, weest ook gij bereid, want op een uur, dat gij het niet verwacht, komt de Zoon des mensen. - Matteüs 24:43 Maar over de tijden en gelegenheden, broeders, is het niet nodig, dat u geschreven wordt: immers, gij weet zelf zeer goed, dat de dag des Heren zó komt, als een dief in de nacht.  - 1 Tessalonicenzen 5:2 Maar de dag des Heren zal komen als een dief. Op die dag zullen de hemelen met gedruis voorbijgaan en de elementen door vuur vergaan, en de aarde en de werken daarop zullen gevonden worden. - 2 Petrus 3:10 Maranatha is een Aramese woordcombinatie, die van betekenis v
 HOE ZIET GOD ONS? We kunnen niet vaak genoeg en niet duidelijk genoeg aan de zoekende ziel vertellen dat zijn enige hoop op redding in de Here Jezus Christus ligt. Die ligt volkomen, enkel en alleen in Hem. Jezus is volkomen genoegzaam om van beide, van de schuld en van de macht van de zonde te redden. Zijn Naam is Jezus omdat “Hij Zijn volk redt van hun zonden.” “De Zoon van de mensen heeft macht op aarde om zonden te vergeven.” Hij is verhoogd om “bekering en vergeving van zonde te geven.”  God heeft er vanaf het begin behagen in geschept om een heilsplan te ontwerpen dat helemaal alleen in Zijn eniggeboren Zoon vervuld werd. De Here Jezus werd mens omwille van ons behoud en werd in alles aan ons gelijk. Hij was gehoorzaam tot de dood, ja tot de dood aan het kruis. Als er een andere manier was geweest om bevrijd te worden, dan zou de beker met bitterheid aan Hem voorbij zijn gegaan. Het is zonneklaar dat de Lieveling van de hemel niet gestorven zou zijn om ons te redden als we voor
  Schoonste Heer Jezus,  Heer aller sferen,  Zoon van God, Maria’s Zoon,  U wil ‘k beminnen,  U wil ik eren,  Gij mijner ziele vreugd en kroon.  Schoon zijn de beemden, schoon zij de bossen in de schone voorjaarstijd. Jezus is schoner,  Jezus is reiner,  Die ons bedroefde hart verblijdt.  Schoon is de maanglans,  schoner het zonlicht en de sterren altemaal.  Jezus straalt schoner Jezus straalt reiner,  dan ‘t eng’lenheir in ‘s hemels zaal.  Schoon zijn de bloemen schoner de mensen in hun jonge levenstijd.  Zij moeten sterven, eenmaal verderven, maar Jezus leeft in eeuwigheid.  Hemelse schoonheid,  schoonheid der aarde vinden w’ in Uw schoonheid weer; mij is geen waarde hoger op aarde,  dan Gij alleen, mijn schoonste Heer!
  DE HEER IS MIJN HERDER (PSALM 23) “ De Heer is mijn herder” (vers 1). Wat een nederigheid dat de verheven God Zich tot Herder van Zijn volk maakt! Diepe dankbaarheid zou ons moeten vervullen dat de grote God op deze manier Zijn liefde en niet-aflatende zorg voor Zijn volk openbaart. David is zelf herder geweest. Hij kende de behoeften van zijn schapen en de plichten van een herder. Hij vergelijkt zich met deze zwakke weerloze schepsels en wendt zich tot God als zijn verzorger, onderhouder en leider. God is werkelijk alles voor hem. Maar niemand heeft het recht zich als schaap van de Heer te beschouwen als zijn binnenste wezen niet is vernieuwd. De Bijbel schetst onbekeerde mensen niet als schapen maar als wolven en bokken. Het schaap is niet een wild dier, maar hoort bij het vee. Voor de eigenaar is het zeer waardevol omdat het voor een dure prijs is gekocht. In deze eerste zin van onze psalm ligt een sterk vertrouwen. Er is geen ja maar, er staat niet: “ik hoop dat...”, maar
  EEN VASTE BURCHT IS ONZE GOD Een vaste burcht is onze God, een Toevlucht voor de Zijnen! Al drukt het leed, al dreigt het lot, Hij doet zijn hulp verschijnen! De vijand rukt vast aan met opgestoken vaan; hij draagt zijn rusting nog van gruwel en bedrog, maar zal als kaf verdwijnen! Geen aardse macht begeren wij, die gaat welras verloren. Ons staat de sterke Held ter zij, Dien God ons heeft verkoren. Vraagt gij Zijn naam? Zo weet dat Hij de Christus heet, Gods eengeboren Zoon, verwinnaar van de troon: de zeeg’ is ons beschoren! En grimd’ ook d’open hel ons aan met al haar duizendtallen toch zal geen vrees ons nederslaan, toch doen wij ‘t krijgslied schallen. Hoe ook de satan woedt, wij staan hem voet voor voet, wij tarten zijn geweld; zijn vonnis is geveld: één woord reeds doet hem vallen! Gods Woord houdt stand in eeuwigheid en zal geen duimbreed wijken. Beef, satan! Hij Die ons geleidt, zal u de vaan doen
  U ZULT DE HEERE, UW GOD, LIEFHEBBEN. Dat het God reeds in het Oude Testament voornamelijk ging om het hart van de mensen en een heldere relatie met Hem, in plaats van enkel en puur gehoorzaamheid te eisen, zien we duidelijk aan het volgende gebod: “ Daarom zult u de HEERE, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht” (Deuteronomium 6:5). Aan deze formulering kunnen we duidelijk aflezen dat de liefde ons hele wezen moet omvatten. Ze moet niet alleen bepaalde aspecten van ons leven betreffen, maar ze moet die éne, alles bepalende factor zijn. Ze moet niet alleen zichtbaar worden op bepaalde dagen of tijdens religieuze handelingen, maar moet ons hele dagelijkse leven bepalen (vgl. Deuteronomium 6:5-9). Maar wat betekent dat praktisch? Aan de ene kant moet duidelijk zijn dat we niet uit eigen kracht in staat zijn tot deze liefde voor God. Ze komt niet voort uit een wezen dat van nature zondig is. Nee, God moet ons een nieuw hart, een nieuw wezen,
GOD GEEFT WAT HIJ BEVEELT! “ Luister, Israël!...u zult de HEERE, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht” (Deuteronomium 6:5). “ De HEERE, uw God, zal uw hart en het hart van uw nageslacht besnijden, om de HEERE, uw God, lief te hebben met heel uw hart en met heel uw ziel” (Deuteronomium 30:6). Toen één van de Schriftgeleerden aan Jezus vroeg: “Wat is het eerste van alle geboden?” antwoordde Jezus: “ Luister, Israël! De Heere, onze God, de Heere is één. En u zult de Here, uw God, liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht” (Markus 12:28-30). Deze zinnen vormen de kern van wat God verlangt van Zijn volk, zowel in het Nieuwe als ook in het Oude testament. 1. God geeft ons Zijn God: heb God lief. Als wij dit eerste gebod lezen, komt bij ons onmiddellijk de vraag op: Hoe kan God liefde verlangen als een plicht? Wij kennen liefde als een emotie die er ofwel is of gewoon ni
Afbeelding
  Een opwekkend woord voor het nieuwe jaar Hemelgericht leven Hebben wij in het nu achter ons liggende jaar in vele dingen gefaald, vanwege vele tekortkomingen – zwakheid in vele opzichten, eigenwijsheid, ongehoorzaamheid, en zo meer – zo behoeft dit daarom nog niet zo te zijn in het nieuwe jaar. Wat wij dan echter in de eerste plaats nodig hebben, is “een opkikker”! Een “tonic”, zo u wilt, van de Here Jezus Zelf. Wanneer wij ons hieraan houden, ondanks zeker te verwachten  teleurstellingen  binnen onze eigen kringen, naast geprofeteerde  verdrukkingen en vervolgingen  – al naarmate “de laatste dagen” ten einde spoeden – zo zullen wij toch zeker (daar ben ik van overtuigd) overwinningen  [1]  (kunnen) boeken, dankzij toenemende genade die er is voor allen die  in waarheid  deze versterkende, opwekkende en spankracht gevende woorden van onze Overste Leidsman en Voleinder van het geloof  [2] , Jezus, willen omzetten in daden door eenvoudigweg te  gehoorzamen . Hier is dan die “tonic”: “